Waarom bedenken cliënten steeds meer eetregels rondom eten? Ontdek waar de behoefte aan controle vandaan komt en hoe je als diëtist of leefstijlcoach kunt helpen.
Waarom klanten steeds meer eetregels bedenken
Van minder suiker naar koolhydraatarm. Van koolhydraatarm naar geen brood meer. Geen tussendoortjes. Alleen eten op vaste tijden. Na 20.00 uur niets meer. Meer eiwitten. Minder vet. En dat ene voedingsmiddel misschien ook maar beter helemaal vermijden.
Voor je het weet heeft een cliënt een complete gebruiksaanwijzing ontwikkeld voor iets wat meerdere keren per dag terugkomt: eten.
En het interessante is: eetregels ontstaan meestal niet omdat iemand graag ingewikkeld wil doen rondom eten. Integendeel.
Eetregels geven vaak juist het gevoel dat het eindelijk wat minder ingewikkeld wordt.
Want als je bang bent om te veel te eten, regelmatig eetbuien hebt of het gevoel hebt dat je jouw eigen lichaam niet kunt vertrouwen, klinkt een duidelijke regel behoorlijk aantrekkelijk.
Als ik gewoon geen suiker meer eet, hoef ik hier niet steeds over na te denken.
Als ik na acht uur niets meer eet, kan het ’s avonds ook niet misgaan.
Als ik mijn koolhydraten beperk, krijg ik misschien eindelijk mijn cravings onder controle.
Die behoefte aan controle is belangrijk om te begrijpen wanneer je als diëtist of leefstijlcoach werkt met cliënten die vastlopen in hun eetgedrag
Want soms is nóg meer voedingskennis niet het ontbrekende puzzelstukje.
Soms moet je juist onderzoeken waarom iemand zoveel behoefte heeft gekregen aan regels rondom eten.
Hoe ontstaan eetregels?
Stel dat een cliënt regelmatig momenten heeft waarop ze meer eet dan ze eigenlijk wil.
Ze baalt daarvan.
Misschien heeft ze het idee dat ze zichzelf rondom chocolade, chips of koek niet kan vertrouwen. Ze wil begrijpen waarom dit steeds gebeurt en gaat op zoek naar een oplossing.
Ze leest bijvoorbeeld dat schommelingen in haar bloedsuikerspiegel invloed kunnen hebben op trek. Dus gaat ze snelle suikers beperken.
Dat helpt misschien even.
Totdat ze opnieuw een avond op de bank zit en tóch die halve zak koek opeet.
En dan ontstaat er makkelijk een conclusie als:
Zie je wel. Ik doe het blijkbaar nog niet goed genoeg.
Dus wordt de oplossing aangescherpt. Niet minder regels, maar méér.
Misschien moet suiker volledig uit haar eetpatroon. Of koolhydraten. Misschien moet ze haar calorieën weer gaan bijhouden. Of alleen nog op bepaalde tijdstippen eten.
Zo kan er langzaam een heel netwerk van eetregels ontstaan.
En hoe langer iemand hiermee bezig is, hoe logischer die regels voor haar kunnen gaan voelen.
Terwijl je als professional misschien inmiddels ziet dat juist die krampachtige controle onderdeel is geworden van het probleem.
Waarom eetregels zoveel veiligheid kunnen geven
Het is verleidelijk om tegen zo’n cliënt te zeggen: “Je moet die eetregels gewoon loslaten.”
Maar daarmee sla je een belangrijke stap over.
Want die regels hebben vaak een functie. Ze geven de klant een bepaalde houvast.
Wanneer iemand bang is om aan te komen, bang is om de controle te verliezen rondom eten of onzeker is over wat ze nog kan vertrouwen, zorgt een regel voor duidelijkheid.
Je hoeft niet langer af te wegen:
- Heb ik hier trek in?
- Heb ik honger?
- Wat heeft mijn lichaam nodig?
- Wat wil ik eigenlijk eten?
Er staat simpelweg: dit mag wel en dat mag niet.
En dat kan tijdelijk rust geven.
Vooral wanneer iemand het vertrouwen in haar eigen lichaamssignalen in de loop der jaren is kwijtgeraakt.
En precies daarom kan het loslaten van eetregels ook zoveel spanning oproepen. Je vraagt iemand namelijk niet alleen om anders te gaan eten. Je vraagt haar om een controlestrategie los te laten die haar misschien jarenlang een gevoel van veiligheid heeft gegeven.
De behoefte aan controle gaat vaak niet alleen over eten
Dit is iets waar ik als professional extra nieuwsgierig naar zou worden.
Want wanneer iemand haar eetgedrag tot in de kleinste details probeert te controleren, kun je jezelf afvragen:
wat probeert deze cliënt eigenlijk te controleren?
Soms speelt perfectionisme een rol.
Een cliënt wil het graag goed doen. Ze wil gezond genoeg eten, voldoende bewegen en het gevoel hebben dat ze goed voor zichzelf zorgt.
Maar wanneer gezond eten verandert in een verzameling criteria waaraan ze iedere dag moet voldoen, kan eten langzaam een soort dagelijkse beoordeling worden.
Aan het einde van de dag krijgt ze in haar hoofd een voldoende of onvoldoende. Goed bezig of gefaald.
Bij andere cliënten zie je de behoefte aan eetregels juist toenemen wanneer andere delen van het leven onvoorspelbaar voelen.
Stress op het werk. Problemen binnen een relatie. Zorgen om gezondheid. Een lijf dat verandert. Een leven waarin veel van ze gevraagd wordt.
Eten is dan één van de dingen waarover iemand denkt: hier kan ik tenminste nog controle over hebben.
Dat betekent natuurlijk niet dat iedere eetregel veroorzaakt wordt door een diepere emotionele behoefte.
Maar wanneer een cliënt steeds nieuwe regels blijft toevoegen, terwijl ze tegelijkertijd steeds onrustiger wordt rondom eten, is het wél waardevol om verder te kijken dan alleen naar de voedingsinhoud van die regels.
Het probleem is niet alleen wat er op het lijstje staat
Als professional kun je gemakkelijk terechtkomen in een discussie over de inhoud van een eetregel.
- “Is brood eigenlijk wel ongezond?”
- “Mag je ’s avonds echt geen koolhydraten eten?”
- “Is suiker daadwerkelijk verslavend?”
En soms is voedingseducatie natuurlijk hartstikke zinvol.
Maar je kunt daarmee ook onbedoeld een soort eetregel-whack-a-mole spelen.
Je haalt de ene regel weg en twee weken later verschijnt er ergens anders een nieuwe.
Want het onderliggende probleem was niet per se dat de cliënt verkeerde informatie had over brood. Het probleem was bijvoorbeeld de overtuiging: als ik mezelf niet controleer, gaat het mis.
En zolang die overtuiging overeind blijft, blijft het aantrekkelijk om nieuwe regels te zoeken.
Vandaag is brood het probleem. Volgende maand suiker. Daarna ultra-bewerkt eten. En vervolgens blijken zelfs bananen ineens verdacht veel koolhydraten te bevatten.
Hoe meer controle, hoe meer eten het leven kan gaan beheersen
Dat is de paradox die ik bij eetregels zo interessant vind.
Cliënten creëren regels omdat ze minder met eten bezig willen zijn. Maar al die regels kunnen ervoor zorgen dat ze er juist steeds meer mee bezig zijn.
- Mag ik dit?
- Heb ik vandaag genoeg eiwitten gegeten?
- Was dit te veel?
- Moet ik straks compenseren?
- Is dit een gezonde keuze?
- Had ik beter iets anders kunnen bestellen?
En zodra iemand dan een regel doorbreekt, kan het zwart-witdenken beginnen: “Nu heb ik het toch verpest.”“Morgen begin ik opnieuw.”“Dan kan ik dit net zo goed ook nog eten.”
Waarna de behoefte aan controle de volgende dag alleen maar groter wordt.
Precies zo kan een vicieuze cirkel ontstaan van eetregels, restrictie, controleverlies, schuldgevoel en nóg strengere eetregels.
Eetregels en eetbuien kunnen elkaar versterken
Dit is ook belangrijk wanneer je cliënten begeleidt die last hebben van overeten of eetbuien.
Een eetbui heeft natuurlijk nooit maar één mogelijke oorzaak.
Stress, emoties, gewoontes, vermoeidheid, beschikbaarheid van eten, onvoldoende eten gedurende de dag en allerlei andere factoren kunnen een rol spelen.
Maar mentale en fysieke restrictie kunnen óók onderdeel zijn van de puzzel.
Als iemand de hele dag tegen zichzelf zegt dat ze absoluut geen chocolade mag eten, wordt chocolade niet bepaald minder interessant.
En als ze uiteindelijk toch een stukje neemt, kan de gedachte “nu heb ik het verpest” voldoende zijn om van één stukje een veel groter eetmoment te maken.
De oplossing is dan niet automatisch: “Je moet jezelf nóg beter leren beheersen.”
Want misschien is juist die voortdurende poging tot beheersing onderdeel geworden van het patroon.
Binnen Blij Dieetvrij werk ik daarom veel met de vraag hoe we vrijheid én vertrouwen kunnen creëren in de relatie met eten, in plaats van steeds meer ‘moetjes’ toe te voegen.
Wat kun je als diëtist of leefstijlcoach hierin het beste doen?
Uiteindelijk wil je niet dat gezond eten voor jouw cliënt een fulltime baan wordt.
Je wilt dat gezonde gewoontes in haar leven passen, zonder dat eten haar hele leven gaat beheersen. Dat is ook precies het soort gedragsverandering waar ik professionals in mijn opleidingen meer over leer.
Ben je benieuwd naar hoe je jouw klanten stap voor stap kan helpen naar een gezonde relatie met eten? Download dan gerust ook onze gratis masterclass.
De psychologie van eetbuien
(voor diëtisten, voedings- en leefstijlcoaches)

